Naar hoofdinhoudNaar hoofdmenu

Overhandiging Watervogeltellingrapport 2014-2018

Geplaatst: 21-2-2019

De KNNV-Lelystad Vereniging voor veldbiologie heeft op 20 februari haar rapport over de watervogeltelling 2014-2018 aan wethouder Ed Rentenaar en heemraad Jan Nieuwenhuis overhandigd. De Vereniging voor Veldbiologie (KNNV-Lelystad) heeft de afgelopen 5 jaar ’s winters de watervogels in de stad geteld. Zo’n dertig leden telden in hun wijk in het tweede weekend van januari op onder andere aanwezige meerkoeten, wilde eenden, waterhoentjes en aalscholvers. Doel was vooral om het belang van stadwateren aan te tonen.

Samenwerking gemeente en waterschap

Wethouder Ed Rentenaar: “De natuurwaarden van het water zijn zowel voor de gemeente als het waterschap van groot belang. In 2001 is dit al vastgelegd in het Lelystads waterplan. Door de watervogels te monitoren is de voor of achteruitgang goed waar te nemen, vooral bij wat kritischere soorten, zoals het waterhoentje. Het beheer van het water is in handen van het waterschap en het grootste deel van de oevers is in beheer bij de gemeente. Een goede samenwerking is daarom van groot belang voor een goed (natuur)beheer.”

Bijzondere waarde stadswateren

In veel natuurterreinen vond in hetzelfde weekend een watervogeltelling plaats. Een vergelijk met andere natuurterreinen was daardoor goed mogelijk. Stadwateren blijken van bijzondere waarde voor het waterhoentje en de krakeend. In de omgeving van Lelystad zijn waterhoentjes in lage aantallen aanwezig, ze profiteren waarschijnlijk van struikachtige begroeiing die tot dicht bij het water doorloopt. De krakeend was ooit een schuwe watervogel, maar neemt duidelijk toe in aantal in de stad. De smalle, lijnvormige beschutte wateren zijn voor beide soorten blijkbaar erg aantrekkelijk: watervormen die minder algemeen zijn in de natuurterreinen.

Aantal watervogels

Afhankelijk van het weer, waarbij harde wind en vorst een belangrijke rol spelen, varieert het aantal watervogels per jaar tussen de 3300 en 4500. Wilde eend, meerkoet, kokmeeuw, krakeend en kuifeend zijn in alle jaren belangrijke vogelsoorten in de stad. De meer bijzondere soorten zijn nonnetje, grote zaagbek, ijsvogel, waterral en roerdomp.

Beheer oevers van belang

Naast de inrichting ziet de KNNV ook dat het beheer van de oevers een rol speelt op de aanwezigheid van de wintergasten. De gemeente laat op sommige plekken rieteilandjes staan, dat wil zeggen plukken riet aan de oever die tijdens de maaibuurt in de herfst ‘overgeslagen’ zijn. Wilde eend, krakeend maar vooral waterhoen kunnen deze plukjes riet goed waarderen.

Het rapport kunt u via deze link inzien.